Martijn van Leerdam
Groot-Brittannië is toe aan zijn zevende premier in tien jaar tijd. Wat heeft een nieuwe leiderschapswissel nog voor zin, als het al zo vaak is mislukt? Je vraagt het je af. Toch heeft Labour de hoop gevestigd op een nieuwe grote man. Het is de dood of de gladiolen. Want als het weer mis gaat, wordt Labour weggevaagd door radicaal rechts.
In België gaat het net zo. Slechts twee van de laatste tien regeringen hebben de rit uitgezeten. In acht van de tien gevallen eindigde de samenwerking met hoogoplopende ruzie. Je hoeft geen crisismanager te zijn om te snappen dat er dan structureel iets mis zit.
Nederland is geen uitzondering. Sinds 2017 zijn alle kabinetten gevallen. Het huidige kabinet komt ook maar niet op gang. Of de eindstreep dit keer wél wordt gehaald? En of de structurele problemen in bestuur en samenleving nu wél effectief worden geadresseerd? Ik zou er geen euro op durven in te zetten.
Het is met de regeringen van onze tijd als met een terugvallende alcoholist. Hoewel hij wel weet dat hij de drank beter kan laten staan, is de impuls van zijn verslaving gewoon te sterk. De eerste stap naar herstel van de Anonieme Alcoholisten luidt als volgt: “Ik erken dat ik machteloos sta tegenover alcohol, en dat ik de controle over mijn leven heb verloren.” Voor een verslaafde is het wijsheid om dat te erkennen. Maar het is pas de eerste stap in een reeks van twaalf.
Jesse Klaver verklaarde onlangs te geloven dat PRO de winnaar kan worden van de volgende landelijke verkiezingen. Dat is best mogelijk, zoals ook Labour de verkiezingen in Groot-Brittannië gewonnen heeft. Reken maar dat er dan feest wordt gevierd. Maar dan begint het echte werk. Welke stappen moeten er worden gezet om de nationale overheid weer bestuurbaar te maken? En wie ga je meenemen om die grote veranderingen daadwerkelijk uit te voeren? Elke nieuwe poging lijkt tot mislukken gedoemd.
In elk geval vraagt de inzet voor nationale politiek om een meer dan gemiddelde dosis veerkracht. Heilige veerkracht, misschien.
De veerkracht van een Abraham Joshua Heschel, om maar eens iemand te noemen. Deze Pools-Joodse rabbijn met een vluchtelingenachtergrond werd een invloedrijk spiritueel leider én leider van de Civil Rights Movement. Samen met onder meer Martin Luther King zette hij zich jarenlang in voor een politieke zaak, die al eeuwenlang hopeloos leek: de emancipatie van zwarte burgers in de VS.
Je moet geloven in wonderen, schreef Heschel ooit, maar je moet er niet op rekenen dat ze gebeuren. Het komt op je eigen inzet aan. “In any free society where terrible wrongs exist, some are guilty – all are responsible.”
Martijn van Leerdam is predikant-directeur van de Pauluskerk in Rotterdam