Wat gebeurt er wanneer een filosoof nadenkt over economie? Wat is ethisch kapitalisme? Hoe wordt ons PRO-denken beïnvloed door economen en anderen? De Helling speelt daarin een belangrijke rol. Ons systeem loopt vast. Gelukkig zijn er veel tegendenkers. PRO-denkers, wellicht.
Robert Scholma
Markus Gabriel schreef onlangs Goed doen. Hoe ethisch kapitalisme de democratie kan redden. Markus Gabriel is hoogleraar filosofie aan de Universiteit van Bonn en al 14 jaar directeur van het Internationaal Centrum voor Filosofie. Eerder schreef hij onder meer De zin van denken en De mens als dier. Het boek is met opzet in eerste instantie in het Japans gepubliceerd, omdat veel van de fundamentele ideeën over economische filosofie en economisch beleid zijn ontwikkeld in discussie met practici en theoretici van het kapitalistische Japan, en omdat daar een lange en levendige traditie van economisch ethisch denken bestaat, schrijft hij. Japan, met voorheen feodale stelsels. Gilden en de meent ontbreken in het boek. Europese context, evenals Afrika, Latijns-Amerika, en nog wel wat meer. Cijfers ontbreken volledig. Aandacht voor het neoliberalisme is erg beperkt. Thatcher, maar ook Piketty ontbreken. Michael Sandel wordt wel kort geciteerd. Ook is hij positief beïnvloed door Bruno Latour. Eerder besprak ik in het kader van de Nieuwe economie boeken van Paul Schenderling (DLW 2025-5) en Kees Klomp (DLW 2026-1). Met Markus Gabriel, en met De Helling, sluit ik het drieluik af.
Het boek opent met: “We leven in een tijd van weergaloze crises.” Een vreedzaam wereldwijd samenleven lijkt steeds onwaarschijnlijker. Zowel nationaal als wereldwijd neemt de economische ongelijkheid toe. De klimaatcrisis manifesteert zich in een snelle achteruitgang van ecosystemen. Het tempo van (digitale) veranderingen is zo hoog geworden dat de media, de politiek en de burgermaatschappij de veranderingen die de samenleving als geheel raken niet meer kunnen bijhouden. De mens is uniek in zijn vermogen tot zelfvernietiging.
Markus Gabriel is kritisch op het kapitalisme. Hij omarmt uiteindelijk de Kritische theorie (o.a. Adorno, Habermas). De belofte van de liberale democratie die vanzelf leidt tot vrede en geluk is op niets uitgelopen. De nevenschade en de tekortkomingen wegen inmiddels zwaarder dan de voordelen.

Ethische visie
Het moet dus anders. In nieuwe visies voor een gedeelde menselijke toekomst ontbreekt de ethische visie. Er is een nieuw maatschappelijk verdrag nodig, een Nieuwe Verlichting, waarin we de koppeling herstellen tussen enerzijds morele, menselijke vooruitgang en anderzijds onze sociaaleconomische middelen voor productie van goederen en diensten, oftewel voor welstand en welvaart. Die nieuwe visie moet even realistisch als utopisch zijn, gebaseerd op de huidige praktijk én op een betere toekomst gericht. “Goed doen en daarvan profiteren, dát is waar de economie om draait.” Gabriel grijpt daarbij terug op Kants begrip van ‘het hoogste goed’. En op Colin Mayers idee dat we het kapitalisme zouden kunnen hervormen op basis van een morele wet. Er is upregulatie van de economie nodig d.m.v. een ethiek voor moreel progressieve toekomstige samenlevingen. Een probleemoplossend kapitalisme, gekoppeld aan de zin van ons leven: “Wij bestaan om anderen te helpen zodat ze anderen kunnen helpen, en om daaraan te verdienen, ervan te profiteren. De morele wet is dat we alleen mogen profiteren als we anderen oplossingen bieden, en niet als we hun schade berokkenen.”
Dat klinkt zeer positief, en noodzakelijk. Dat werkt Markus Gabriel uit in zijn boek. Probeert een aanzet te geven. Maar ook bij Gabriel blijft de mens volkomen vrij, ook in zijn of haar consumptieve gedrag. Hij heeft een gruwelijke pest aan de “moraliserende stedelijke burgerij die zichzelf als progressief beschouwt.” We moeten op zoek naar betere bedrijfsmodellen, die aansluiten op onze levenswijze. Ecologische motieven voor gedragsverandering gelden niet. Wel: kwantitatieve groei en commerciële oplossingen die leiden tot belastinginkomsten, arbeidsplaatsen en een verbeterde kwaliteit van leven. We moeten voor meer welvaart zorgen als we de dringende ecologische en andere problemen van onze tijd op een sociaal draaglijke en daarmee duurzame manier willen oplossen. “Het economische eergevoel en zelfs de hebzucht zouden mensen ertoe kunnen drijven om het moreel goede te doen, om daarvan te profiteren.” Verandering is echter niet de taak van de politiek, maar van de economie. De economie moet zichzelf reguleren.
Gabriel neemt duidelijk afstand van de homo economicus en de gangbare economische theorieën en praktijk. Maar ook: “we leven juist niet in het antropoceen”, schrijft hij. Over de nevenschade van het kapitalistische systeem is hij erg mild. De huidige reële schade ziet hij als een soort collateral damage. Hij is tegen systeemverandering, en tegen revolutie. Hij zit ook roestvast in het dialectische schema kapitalisme-marxisme. Daarbij kiest hij principieel voor het kapitalisme, dat bij hem geen systeem is maar juist drijft op anarchie die creativiteit stimuleert.
Gabriel heeft in zijn boek geprobeerd de aanzet van het ethisch kapitalisme te verbinden met de vooruitgangshorizon van het ecosociale liberalisme. De rol van de filosofie bij het vinden van een democratisch compromis is verbonden met haar vermogen tot bemiddeling en analyse. “Het boek heeft zijn doel bereikt als lezers zelf uitzoeken hoe ze hun eigen leven kunnen verbeteren door het leven van anderen te verbeteren.” Het gaat uiteindelijk om een complex systeem van wederzijdse hulp.
Lees het boek. Het biedt een utopisch perspectief. Mooie gedachten, zoals het instellen van een CPO, een Chief Philosophy Officer in elk bedrijf, als bewaker van het ethische bedrijfsmodel, van de ware winst. Ook pleit hij voor stemrecht van kinderen. Maar is het realistisch? Is het mensbeeld niet te positief? En de analyse van crises in crises niet veel te oppervlakkig? Red ethisch kapitalisme de democratie – en wanneer? Hij is zeer positief over duurzaamheid – maar wil niets voorschrijven. En over de Sustainable Development Goals van de VN. Die zijn normatief. Maar kunnen alleen worden gerealiseerd door economische groei. En daarom is degrowth uit den boze. Fundamentele eerlijkheid en nivellering, gelijkheid zijn afwezig. Soms is hij bizar-positief. AI is bij hem in wezen accelerated intelligence. Als versnelde intelligentie heeft ze ons een vorm van superintelligentie opgeleverd. “We kunnen met behulp van de techindustrie ons ethisch denken verbeteren.”
Goed doen en daarvan profiteren. Ethisch kapitalisme is de brug tussen economie en politiek. Maar: Het gaat primair om mijzelf, en hulp is niet meer dan enlighted selfinterest. Jammer. Er zijn alternatieven. Ik kom daar in het komende nummer op terug.
De Helling
Lees daarom ook De Helling, het blad van het Wetenschappelijk Bureau van wat nu nog net GroenLinks is (en dat een belangrijke rol speelde in de eenwording met de PvdA). In ieder nummer een keur aan artikelen, interviews, boekbesprekingen (door echte deskundigen). Het voorlaatste nummer (2026-1) is zeer de moeite waard. Een kleine selectie. Gaya Herrington, duurzaamheidsonderzoeker en onvermoeibaar promotor van de welzijnseconomie, wordt geïnterviewd. “Globalisering is uiteindelijk gewoon neokolonialisme.” Ze pleit voor een vorm van degrowth, voor community based provisioning systems. Bioregionalisme. Is voor een Wellbeing economy. Voor een basisinkomen, minimumloon, een standaardpensioen en baangarantie. Anna Koolstra en Ernst Hobma pleiten voor een duidelijke visie op Finance: de financiële architectuur als fundament van onze economie en maatschappij, tevens de drijvende kracht achter veel problemen van deze tijd. Zij concluderen ook dat GL-PvdA contraproductieve voorstellen heeft geformuleerd voor het oplossen van de wooncrisis. Ze pleiten voor een financieel systeem dat mens, milieu en maatschappij moet dienen. Niet andersom. In dat kader pleit Sybren Kooistra voor strategisch pessimisme – om weer actieve hoop te kunnen krijgen. Noortje Thijssen pleit voor mentaal welzijn – een linkse politieke strijd. Er is aandacht voor The Care Economy. Het blad sluit af met een uitgebreid interview met Paul Schenderling: Een nieuwe toekomst voor Europa. Democratie en kapitalisme gaan niet samen, dat is een naïef geloof. Het vrijhandelsbeleid is geen natuurwet. Het zou fantastisch zijn wanneer we onze economie weer dienstbaar kunnen maken aan het goede leven, aan de doelen van het leven, dat we betekenisvol werk verrichten, binnen de draagkracht van de aarde. Vrij van manipulatietechnieken. Lees het interview in De Helling of op wbgl.nl/schenderling. En neem dan ook gelijk een abonnement, zou ik zeggen.